Kort antwoord
Voor officiële wedstrijden in Nederland heb je een KNHS-lidmaatschap nodig, een paard dat bij de KNHS geregistreerd staat en volgens de regels is ingeënt tegen influenza, en vanaf de dressuurklasse B en bij alle springwedstrijden een startpas. Wil je eerst ervaring opdoen, begin dan met een club- of oefenwedstrijd of in de dressuur met BB (Impuls).
- Lidmaatschap
- KNHS, via vereniging of manege
- Instap dressuur
- BB (Impuls), gratis startpas
- Instap springen
- Vanaf 0,30 meter
- Vaccinatie
- Influenza, minstens 7 dagen voor de wedstrijd
Hoe begin je met wedstrijdrijden?
De officiële bondswedstrijden in de dressuur, het springen, eventing en mennen vallen in Nederland onder de KNHS. Om mee te doen, heb je drie dingen nodig: een KNHS-lidmaatschap, een paard dat bij de KNHS geregistreerd staat en, vanaf de dressuurklasse B en bij alle springwedstrijden, een startpas. Daarnaast moet je paard volgens de regels zijn ingeënt.
Je hoeft niet meteen in de officiële klassen te beginnen. Veel ruiters doen eerst ervaring op bij een oefenwedstrijd of clubwedstrijd op hun manege of vereniging, of in de dressuur bij BB-wedstrijden, ook wel Impuls genoemd. Daar leer je hoe een wedstrijddag verloopt, zonder dat er punten op het spel staan. Welke klassen daarna volgen, lees je bij niveaus en wedstrijdklassen.
Lidmaatschap, registratie van je paard en startpas
Lidmaatschap. Voor wedstrijden met puntenregistratie in de dressuur, het springen, eventing en mennen word je lid via een vereniging of een manege die bij de KNHS is aangesloten. Voor Impuls- en BB-wedstrijden is een individueel KNHS-lidmaatschap voldoende. Voor endurance word je lid van de KNHS-Endurancevereniging.
Registratie van je paard. Met een paard dat niet bij de KNHS geregistreerd staat, kun je geen KNHS-wedstrijden rijden. Je registreert het via Mijn KNHS, aan de hand van het chipnummer of het UELN uit het paardenpaspoort. Neem dat paspoort mee naar elke wedstrijd, want daarin staan ook de vaccinaties en bij een controle moet je het kunnen laten zien.
Startpas. Een startpas vraag je aan in Mijn KNHS, onder paarden en startpassen, en je betaalt via iDEAL. Hij wordt automatisch verlengd totdat je hem afmeldt. Voor het springen kun je in plaats daarvan een springabonnement nemen dat per maand opzegbaar is. Voor BB en Impuls vraag je als KNHS-lid een gratis BB/Impuls-startpas aan.
Leeftijd. Met een pony start je in de dressuur vanaf je zesde verjaardag en in het springen vanaf je zevende, tot en met het jaar waarin je 18 wordt. Met een paard mag je meedoen vanaf 1 januari van het jaar waarin je 11 wordt. Vanaf je 18de heb je een paardenstartpas nodig, ook als je op een pony rijdt.
Clubwedstrijden, oefenwedstrijden en BB
Een oefenwedstrijd of clubwedstrijd is de laagdrempeligste start. Maneges en verenigingen organiseren ze voor hun eigen ruiters, vaak op bekend terrein en in een ontspannen sfeer. De regels verschillen per organisator. Soms rijd je een officiële proef en krijg je een protocol met cijfers en opmerkingen van een jurylid mee, zonder dat er punten worden geregistreerd. Voor manegeruiters organiseert de FNRS daarnaast eigen competities, zoals een springcompetitie en een zitcompetitie.
In de dressuur is BB de officiële instap onder de klasse B. De beoordeling is dezelfde als in de klasse B, maar je kunt niet promoveren of degraderen en je mag zo vaak meedoen als je wilt. Bij wedstrijdvormen onder de klasse B is wedstrijdkleding niet verplicht. Een cap en rijlaarzen, of jodhpurschoenen met gelijkkleurige gladleren chaps, zijn dat wel.
In het springen bestaan sinds 1 april 2022 geen Impuls-rubrieken meer. Alle hoogtes vanaf 30 centimeter horen bij de reguliere sport, dus daar heb je wel een startpas of springabonnement nodig. In de dressuur tellen online proeven beperkt mee: in de klassen B tot en met L2 kun je daarmee per klasse maximaal 5 winstpunten verdienen.
Eisen voor je paard: vaccinaties en paspoort
Je paard moet voor KNHS-wedstrijden volgens de regels zijn ingeënt tegen influenza. Alle vaccinaties staan in het paardenpaspoort, met datum, batchnummer, handtekening en stempel van de dierenarts.
- Basisvaccinatie. Een nieuwe basisvaccinatie bestaat sinds 1 april 2024 uit drie inentingen. Tussen de eerste en de tweede inenting mag je paard niet aan wedstrijden meedoen, tussen de tweede en de derde wel.
- Herhaling. Daarna volgt elk jaar een herhalingsvaccinatie, binnen twaalf maanden na de vorige.
- Timing. Een vaccinatie moet minstens zeven dagen voor de (eerste) wedstrijddag zijn gegeven.
Voor paarden die vóór 2022 zijn geboren en al een basisvaccinatie volgens het oude schema hebben, gelden andere regels. Laat je dierenarts het paspoort ruim voor je eerste inschrijving nakijken als je twijfelt. Meer over het inentingsschema lees je bij vaccinaties. Voor internationale FEI-wedstrijden gelden strengere termijnen.
Kleding, cap en harnachement
Op KNHS-wedstrijden is een veiligheidscap die voldoet aan de geldende norm voor de paardensport verplicht voor iedereen die te paard op het wedstrijdterrein is, dus ook op het losrijterrein. Verlies je tijdens je proef je cap of gaat de sluiting los, dan moet je die eerst herstellen. Een bodyprotector mag je in de dressuur altijd dragen, boven of onder je wedstrijdtenue.
Voor een officiële dressuurproef draag je een rijjas, een shirt of blouse met hoge boord of kraag, een witte, beige of gele rijbroek en rijlaarzen of jodhpurschoenen met gelijkkleurige gladleren chaps. In het buitenseizoen mag je in zomertenue rijden, dus zonder jasje. Ook je harnachement is aan regels gebonden: de KNHS publiceert een harnachementgids met wat wel en niet is toegestaan. Check die voordat je met een nieuw bit of hoofdstel start.
Hoe je een cap kiest die aan de norm voldoet, lees je in rijcaps kiezen. Rijd je eventing, kijk dan ook in het reglement welke extra beschermende uitrusting er in de cross wordt gevraagd.
Zo bereid je je eerste wedstrijd voor
Een goede eerste wedstrijd begint weken van tevoren. Deze punten helpen:
- Kies een niveau onder je trainingsniveau. Op een wedstrijd zijn paard en ruiter gespannener dan thuis. Rijd daarom een proef of hoogte die je thuis ruim beheerst.
- Oefen de proef of het parcours. Leer een dressuurproef uit je hoofd, ook al mag hij tot en met de klasse ZZ-Zwaar worden voorgelezen. Oefen bij het springen bochten, lijnen en het rustig wegrijden na een hindernis.
- Laat je paard wennen aan vreemde plekken. Ga eens mee naar een wedstrijd zonder te starten of neem een les op een andere locatie. Laden, trailerrijden en een onbekend losrijterrein zijn voor veel paarden spannender dan de proef zelf.
- Schrijf op tijd in. In het vraagprogramma van de organisatie zie je welke rubrieken er zijn en wanneer de inschrijving sluit.
- Maak een paklijst. Paardenpaspoort, cap, wedstrijdkleding, harnachement, water en hooi, een EHBO-set voor paard en ruiter en je hoofdstelnummer.
- Plan ruim. Reken met reistijd, melden bij het secretariaat en voldoende tijd om los te rijden. Hoeveel dat is, verschilt per paard.
Het belangrijkste doel van een eerste wedstrijd is een goede ervaring voor je paard. Een rustige, nette proef is meer waard dan een hoge score met een gespannen paard.
